Van KOR naar OVOB…..Wat is Wijsheid

Home » Blog » BTW » Van KOR naar OVOB…..Wat is Wijsheid

Geplaatst door lamersrozendal in BTW op 15 mei 2019

VAN KOR NAAR OVOB…..WAT IS WIJSHEID?

Per 1 januari 2020 vervalt de Kleine Ondernemers Regeling (KOR) in de omzetbelasting. Daarvoor in de plaats komt een nieuwe regeling, de zogenaamde “OVOB” (omzetgerelateerde vrijstelling van omzetbelasting). De KOR is een regeling binnen de wet op de Omzetbelasting. Als je weinig OB hoeft af te dragen, na aftrek van de door jou betaalde voorbelasting, dan wordt dat bedrag geheel of gedeeltelijk (*) kwijtgescholden.

Een voorbeeld: Als kleine artiest bedraagt jouw omzet € 19.000,-. De omzetbelasting bedraagt (9% podiumkunsten) € 1.710,-. Stel dat je aan voorheffingen € 410,- hebt betaald, dan zou je per saldo dus € 1.300,- moeten afdragen aan de belastingdienst. Echter op grond van de KOR hoef je dit bedrag niet af te dragen. Een “extra winst” dus van € 1.300,-.

(*) ligt de af te dragen OB onder de € 1.346 dan hoef je het hele bedrag niet af te dragen.Ligt het bedrag tussen de € 1.346 en € 1.888, dan bereken je het niet af te dragen bedrag (de KOR) met de volgende formule: KOR = {2,5 x (€ 1.883 – de verschuldigde OB)} Dus: stel de verschuldigde OB uit het voorbeeld hierboven is niet € 1.300,- maar € 1.600,- dan bedraagt de KOR 2,5 x (1.883 – 1.600) = 2,5 x 283 = € 707,-. Je moet dan € 1.600,- minus € 707,- = € 893,- afdragen. Ligt de af te dragen OB boven de € 1.883,- dan moet je het gehele bedrag afdragen. Je bent dan geen “kleine” ondernemer meer.

Als je elk jaar weer onder de KOR valt, dan kun je bij de Belastingdienst een verzoek indienen om te worden “vrijgesteld van administratieve verplichtingen”. Dit houdt in dat je vanaf dat moment geen aangiften OB meer hoeft te doen. Je mag dan ook geen OB meer in rekening brengen aan jouw opdrachtgevers en je kunt de OB die je zelf op jouw ondernemingskosten betaalt niet meer terugvragen. Uiteraard moet je wel een administratie bijhouden van jouw omzet, inkopen, kosten etc.

Best duidelijk allemaal en het werkt(e) perfect. Echter, er zit iets in de regeling dat niet fair is…..

Ben je namelijk een ondernemer die 21% OB in rekening moet brengen, dan zit je veel eerder aan het bedrag van € 1.883,- dan wanneer je “maar” 9% in rekening hoeft te brengen. Zonder rekening te houden met de voorbelasting zit je bij 21% OB al bij een omzet van € 8.967,- aan de grens van € 1.883,-. Bij 9% OB bedraagt diezelfde omzet € 20.923,-. Bij 6% (t/m 2018) was dat zelfs € 31.384,-.

Een toelichting: als het voorbeeld hierboven, echter de omzet is niet belast met 9% OB maar met 21%. De verschuldigde OB bedraagt dan € 19.000,- x 21% = € 3.990,-. Na aftrek van de voorbelasting ad € 410,- resteert er een te betalen bedrag van € 3.580,- welk bedrag geheel afgedragen moet worden (meer dan € 1.883,-)

De “9% ondernemer” krijgt dus een cadeautje van € 1.300,- en de “21% ondernemer” niets!

Bovendien geldt de huidige regeling alleen voor natuurlijke personen. De nieuwe regeling gaat ook gelden voor niet natuurlijke personen (NV’s, BV’s, stichtingen, verenigingen). Ook deze ongelijke behandeling wordt dus rechtgetrokken.

De overheid wil naar een omzetgerelateerde regeling toe. Dan maakt het namelijk niet meer uit of je het hoge of het lage OB tarief moet hanteren. De omzet is bepalend en niet de verschuldigde omzetbelasting. Ook maakt het niet uit of je wel of niet een natuurlijke persoon bent.

Onder de nieuwe regeling worden alle omzetten bij elkaar geteld, dus zowel de omzet met het hoge tarief als de omzet met het verlaagde tarief en zelfs de vrijgestelde omzet (b.v. onderwijs). Is die totale omzet lager dan € 20.000,-, dan kun je een verzoek indienen om ontheffing van administratieve verplichtingen (dus: geen OB aangiften doen, geen OB in rekening brengen en geen OB voorheffingen terug te vragen, gelijk aan de huidige regeling)

Als je zo’n verzoek indient onder de “OVOB”, dan ben je daar voor 3 jaar aan gebonden. Pas na afloop van 3 jaren kun je een nieuwe keuze maken. Mocht echter tussentijds blijken dat je boven een omzet van € 20.000,- uitkomt, dan ben je vanaf dat moment weer aangifteplichtig (ofwel: vervalt de ontheffing van administratieve verplichtingen). Vanaf dat moment moet je dus weer OB gaan afdragen en weer met BTW gaan factureren.

Wezenlijke verschillen tussen KOR en OVOB:

De huidige KOR en de aanstaande OVOB hebben één heel groot verschil. De KOR bestaat namelijk uit twee onderdelen:

– een vermindering van omzetbelasting volgens de formule in lid 1 van artikel 25 wet OB èn

– op verzoek een ontheffing van administratieve verplichtingen (art. 25 lid 3 wet OB).

De OVOB bestaat maar uit één onderdeel, namelijk op verzoek een ontheffing van administratieve verplichtingen.

Ondernemers die onder de huidige regeling geen verzoek om ontheffing van administratieve verplichtingen hebben ingediend konden dus “profiteren” van de vermindering van de omzetbelasting. Dit cadeautje van maximaal € 1.345,- verdwijnt dus onder de nieuwe regeling. Een ordinaire belastingverhoging dus voor de kleine ondernemer!

Andere verschillen tussen de KOR en de OVOB:

– De KOR geldt alleen maar voor natuurlijke personen (zoals eenmanszaken, ZZP-ers, firmanten in een VOF en maten in een Maatschap). De OVOB geldt ook voor rechtspersonen (zoals NV’s, BV’s, Stichtingen en Verenigingen)

– De KOR gaat uit van de verschuldigde omzetbelasting. De OVOB gaat uit van de omzet.

– Na het niet meer voldoen aan de voorwaarden voor de vrijstelling kun je onder de huidige regeling pas na vijf jaar weer een verzoek om ontheffing indienen. Onder de OVOB is dit drie jaar.

Enkele andere aandachtspunten:

Je kunt geen vrijstelling van administratieve verplichtingen krijgen

– als je ook “intracommunautaire verwervingen” hebt (OB naar jou verlegd door leverancier uit een ander land);

– als je geopteerd hebt voor belaste verhuur van onroerende zaken èn

– als jouw omzet hoger is dan € 20.000,- per jaar.

De jaaraangifte voor de OB komt te vervallen. Je kunt alleen nog per maand of per kwartaal OB aangifte doen.

Wil je onder de nieuwe OVOB een vrijstelling van administratieve verplichtingen aanvragen per 1 januari 2020, dan kan dat verzoek gedaan worden vanaf 1 juni 2019 tot uiterlijk 20 november 2019. Dien je later een verzoek in, dan kan de vrijstelling pas ingaan in een later kwartaal. De meldingstermijn wordt 4 weken voorafgaand aan het aangiftetijdvak (maand of kwartaal).

Heb je thans al een ontheffing van administratieve verplichtingen onder de huidige regeling, dan meldt de Belastingdienst jou automatisch aan voor de vrijstelling. Je krijgt hierover een aparte brief.

Overigens zal de naam OVOB na invoering van de regeling geen OVOB blijven heten, maar zal de regeling gewoon doorgaan onder de oude naam KOR.

Wel of niet vrijstelling aanvragen? Wat is wijsheid?

Als jouw omzet beneden de € 20.000,- per jaar ligt, kun je dus een vrijstelling van administratieve verplichtingen aanvragen. Dat lijkt mooi, maar is het dat ook altijd.

Overweeg vooraf in elk geval het volgende:

– Je mag dan geen OB meer in rekening brengen aan jouw opdrachtgevers. Kun je de eerder wel in rekening gebrachte OB nu doorberekenen in jouw tarief? Stel je geeft pianoles aan particulieren boven 21 jaar. OB is 21%. Tarief exclusief OB is € 30,- per les. OB 21% = € 6,30. Kun je nu € 36,30 per les doorberekenen. Voor de particulier zal het niets uitmaken. Die betaalt immers niets meer. Je hebt dan zelf wel meer omzet en dus meer winst!!
– Verwacht je op korte termijn grote investeringen te doen, bijvoorbeeld een duur instrument waar 21% OB op zit? Dan kun je die OB niet terugvragen en wordt jouw instrument dus fors duurder. Heb je een lage omzet (stel € 15.000) waar 9% OB over berekend moet worden, dan bedraagt de af te dragen OB € 1.350,-. Heb je méér voorbelasting betaald (stel € 2.000,-), dan krijg je dus € 650,- OB terug. Verzoek je om vrijstelling, dan krijg je de OB dus niet terug.
– Elke situatie is verschillend, dus is maatwerk noodzakelijk. Laat je goed informeren! Een gemaakte keuze kan pas na 3 jaar worden herzien!
 
Voor alle relaties van ons kantoor hebben wij de omzetten van de laatste drie bekende jaren in beeld gebracht. Op basis daarvan zullen wij iedereen die beneden een omzet van € 20.000,- per jaar zit benaderen om een weloverwogen keuze te maken.
 
Zit je nu hoger dan € 20.000,- per jaar, maar verwacht je in de toekomst om welke reden dan ook een lagere omzet, neem dan zelf even contact met ons op.
 
Ben je geen relatie van ons kantoor en weet je niet welke keuze je moet maken? Ook dan helpen we je graag om de juiste keuze te maken!
 
 
Vragen:
Heb je vragen of opmerkingen over bovenstaand artikel? We staan voor je klaar om de vragen te beantwoorden. Neem gerust contact met ons op of laat hieronder een reactie achter. We zullen zo snel mogelijk antwoorden.
 
Wim  Rikkert, Register Belastingadviseur, werkzaam bij LamersRozendalBV

Uw dirigent achter de schermen